VARANUS TRISTIS ORIENTALIS

Algemene informatie
De Varanus tristis is onderverdeeld in 2 ondersoorten te weten Varanus tristis tristis en Varanus tristis orientalis. Het grote verschil tussen deze 2 ondersoorten is de kleur en het formaat. De tristis tristis is met name zwart gekleurd en kan een lengte bereiken van 80 cm, de tristis orientalis is op de kop en de rug lichtgrijs met rood gekleurd en bereikt een lengte van 60 cm. De basiskleur van de tristis orientalis is grijs en de dieren zijn meestal voorzien van een rode nettekening op de rug met hierin rode occellen. Sommige dieren hebben meer roodkleuring op de kop, dit heeft te maken met het gebied waar ze voorkomen. Daarom wordt in de hobby soms gesproken over roodkop varanen en roodrug varanen. De verzorging van beide dieren is nagenoeg hetzelfde alleen heeft de tristis tristis iets meer ruimte vanwege zijn lengte nodig maar in deze caresheet houd ik tristis orientalis aan. Varanus tristis orientalis komt voor in Australië en dan met name, West- en Noord-Australië en het gedeelte Queensland.Het is een slanke varaan die ook erg graag klimt dus houdt hier rekening mee bij het inrichten van je terrarium.



Biotoop
Ze komen voor in de noordelijke en westelijke gedeelten van Australië, dit een bos en halfbos gebied. De temperaturen in de het leefgebied lopen uiteen van 45 °C overdag tot 15 °Cals nachttemperatuur. We hoeven het terrararium derhalve ‘s nachts niet bij te verwarmen daar kamertemperatuur voldoet. De dieren leven in het beboste deel van Australie dus een luchtvochtigheid van 40 % tot 80 % is perfect. Verder voelen de dieren zich erg op hun gemak in krappe ruimtes biedt deze dus ook aan en het zijn echte klimmers.

Beschrijving
De totale lengte van deze varaan bedraagt 60 cm (kop- staartlengte). Hiervan is ongeveer de helft staart. De kop- romplengte bedraagt dus +/- 30 cm. De grondkleur is grijs met hierop een rode rugtekening met occellen. In sommige gevallen zijn deze ocellen in rij-vorm op de rug geplaatst maar dit is zeker niet in alle gevallen. De staart van deze ranke varaan is donkrgrijs tot zwart. Onderscheid tussen mannetjes en vrouwtjes is op latere leeftijd heel makkelijk vast te stellen door te kijken naar een aantal kenmerken. De mannetje hebben duidelijk vergrote poriën op de staart aan de zijkant ongveer 2 cm onder de cloaca. Verder hebben de mannetjes een scherpere tekening als de vrouwtjes. En hebben de mannetjes een iets bredere en iets minder platte kop. Meestal zijn mannetjes ook een stuk groter als vrouwtjes.

Huisvesting
Ik houd mijn koppeltje in een betonplex terrarium van 160 lm lang x 60 cm breed x 90 cm hoog. In deze bak heb ik met piepschuim en tegellijm een mooie rotswand gemaakt waar de dieren zich helemaal op uit kunnen leven. Verder heb ik met een groot aantal kurkstammen en lianen een inrichting gemaakt. Als bodembedekking gebruik ik nu bark maar mogelijk kunnen we hiervoor zand gebruiken. Zorg bij deze klimmers voor voldoende klim gelegenheid. Ik gebruik als lampen T-rex Uv heat lamp van 100 watt en een 60 watt persglaslamp. Met deze lampen combinatie hebben de dieren Uv en twee zonneplaatsen een van ongeveer 55 °C en een van 45 °C. Ik geef de dieren ongeveer 12 a 13 lichturen. Verder heb ik altijd een waterbak staan.

Verzorging
Het koppel krijgt van mij 3 keer per week voedseldieren, ongeveer drie keer krekels en een keer een nestmuisje of nestratje. Soms afgewisseld met sprinkhanen. Ik vul de waterbak iedere dag. Het terrarium sproeien is niet nodig. De dieren klimmen eg veel en zijn zeer bewegelijk let dus op dat de dieren niet ontsnappen. De dieren graven niet echt dus een dikke laag bodembedekking is niet nodig. Zorg zeker ook voor verstopplekken de dieren zijn niet schuw maar door verstopplekken aan te bieden voelen zij zichzelf een stuk meer op hun gemak en zullen ze zich juist meer laten zien.

Kweekervaring
De dieren zijn na ongeveer 9 maanden a 1,5 jaar geslachtsrijp. Het is van belang om de dieren ofwel te scheiden of met een winterrust te werken. Ik geef de dieren een winterrust en scheiden heeft bij mij persoonlijk nog geen succes gehad. De winterrust duurt ongeveer een maand of twee waarin de dieren nog maar 6 a 7 uur licht hebben in de bak. De activiteit neemt af en de dieren starten vrij snel met het paargedrag. De man en vrouw krullen beiden hun staart en de man loopt over de vrouw heen terwijl hij haar kleine duwtjes met de kop geeft en intensief tongeld. Daarna volgt een standaard hagedissenparing waar de man zich vastbijt in de nek van de vrouw en zijn staart om de hare draait. De vrouw draagt de eieren circa 6 weken waarna zij de eieren in een ondiepe nestplaats legt.

Incubatie van de eieren
Incubatie van eieren van Varanus tristis orientalis is niet heel moeilijk. De meeste succesen zijn behaalt door een mengsel met de verhouding 1:1 (vermiculiet/perlite:water). De eieren liggen ongeveer 100 tot 110 dagen in de broedstoof, bij een tempratuur tussen de 28 en 30 °C. Ik haal varanenbaby's meestal zo snel mogelijk uit de bakjes aangezien ze nog al snel gaan graven en rennen en de andere eitjes omgooien.

De jongen
De uit het ei gekomen jongen zijn een exacte kopie van de ouders, naarmate ze ouder worden worden ze ook steeds feller en roder van kleur is mijn ervaring. Na ongeveer een week beginnen de dieren te eten, hiervoor drinken de dieren al wel. Ze krijgen krekels maatje 2 te eten en eten alles wat kleiner is als hun kop. Na een tijd kunnen de dieren ook enigszins territoriaal worden dan moeten de dieren worden gescheiden. Wanneer je twee of drie jonge varanen wilt gaan houden raad ik aan om ze al snel samen te zetten anders moet er actief om de rangorde worden gevochten, mannen of vrouwen geen verschil. Verder zijn de jongen net zo te houden als de ouders alleen moet je ze vaker water aanbieden. Ik voer de jongen iedere dag een klein aantal krekels of buffalowormen, bepoederd met een calcium-/vitaminepreperaat.



Conclusie
Hele leuke dieren ook voor mensen die al enige ervaring hebben met reptielen. Net als bij alle reptielen is het van belang om je eerst goed in te lezen, maar deze caresheet is een goed begin. De dieren zijn niet veeleisend en makkelijk te houden. Verder is het kweken bij een goed koppeltje(lees: een koppeltje wat paringsbereid is). De dieren zijn heel actief en lopen vaak door de bak. Ik kan ze een ieder aanraden.


Literatuur

Eidenmuller, B, 2003, Warane lebensweise, pflege, zucht, Offenbach:Herpeton, 2003, blz.66-68.