XENAGAMA BATILIFERA

Biotoop
De soort Xenagama komt voor in EthiopiŽ en SomaliŽ op hoogtes tot 2000m! Het land kent massieve rotspartijen met enorme tafelbergen, steile massieven, diepe canyons, vulkaankegels, goudkleurige savannen en golvende vlakten, en de woestijn. EthiopiŽ en SomaliŽ liggen ten zuiden van de kreeftskeerkring (tussen 3 en 14 graden noorderbreedte). Toch hebben alleen de laaglanden in het westen een echt tropisch klimaat. De hoge ligging en de natte moesson van de Indische Oceaan zijn van invloed op het weer in EthiopiŽ. De gemiddelde jaartemperatuur in de tropische lager gelegen gebieden is 30 graden Celsius. In de bergstreken kan het daarentegen 5 graden worden.

Beschrijving
Xenagama batilifera is een kleine opvallende verschijning. Met zijn 10 tot 15 cm is het een relatief kleine soort. Het meest bijzondere kenmerk is de staart die achter de heupen breed begint, na 1,5 cm toeloopt en waar nog ongeveer 1 cm uitsteekt. Het is een kleine stevige hagedis, de grondkleur is bruin met daarop enkele lichtere vlekken. Het bruin varieert per dier van heel licht gelig bruin tot erg donker bruin, of meer roodbruin. De dieren hebben een relatief grote kop, waardoor ook groter voedseldieren gepakt kunnen worden.

In gevangenschap kan deze soort vrij rustig worden al zullen ze, ook door het formaat nooit zo makkelijk te hanteren zijn als bv de baardagaam. Zorg voor klim gelegenheid, en voor vlucht holen waar ze in kunnen schuilen. De X. batiliferas kunnen stilzitten en sprinten, ze kennen geen tussenweg. Overdag liggen ze veel te zonnen onder de warmte lampen, en houden ze alles in de gaten o bij onraad zo snel mogelijk naar de dichtstbijzijnde schuilplaats te vluchten. Dit gedrag neemt echter af na mate de dieren meer gewend raken aan de omgeving en aan mensen. ís Nachts slapen ze of boven in een tak in het terrarium of onder een steen of handgemaakte schuilplek, het gestekelde staartje ligt dan naar de uitgang toe om deze af te schermen tegen roofdieren. Het mannetje kleurt blauw op onder de bek tot hals / borst op het moment dat hij het vrouwtje het hof wil maken of andere mannetjes wil imponeren.

Huisvesting
Hoe groter hoe beter, zeg ik altijd. Ik heb mijn batiliferas zitten in een bak van 120 bij 50 bij 70 met een mooie achterwand met klimmogelijkheden. Dit terrarium is groot genoeg voor een trio batiliferas, bij mij zitten ze met z'n tweeŽn. Deze dieren kunnen samen gehouden worden maar hebben wel allemaal een eigen stekkie in de bak nodig. Dit om stress te voorkomen. Zelf heb ik de dieren paars gewijs zitten, wat betekend dat ik de dieren goed in de gaten kan houden. Zeker als je met meer dan 2 dieren in 1 bak gaat werken zorg er dan goed voor dat je alle dieren regelmatig checkt. Dominantie uit zich niet alleen in agressief gedrag maar kan ook betekenen dat een diertje niet meer eet en weg kwijnt. Houd dit altijd goed in de gaten, deze dieren kunnen erg territoriaal zijn.

Het terrarium is ingericht met flagstones,vanaf de bodem tot 3 lagen om wat holen te creŽren ook onder de grond zodat ze kunnen graven zonder dat ze het gevaar lopen om geplat te worden. Zorg er altijd voor dat de inrichting stevig op de grond staat. Het terrarium is verder aangekleed met natuurstenen klimtakken en nepplanten. Zorg voor voldoende schuilplaatsen zeker 1 per dier maar liefst meerdere en ook meerder zonplaatsen om op te warmen. Ook hangt er bij mij een UVB lamp in de bak, aangezien het warmte minnende dieren zijn, en in de natuur dus de zon opzoeken is een goede UVB lamp in de bak een must voor de gezondheid van het dier. Als ondergrond heb ik in eerste instantie hout geprobeerd (tijdens quarantaine.) Nu ligt er gewoon speelzand in een laag van 5 cm. sommige plekken wat dieper. Een helft van het terrarium heb ik het zand gemengd met parkietgrit, hierin zit kalk en het geeft een mooie natuurlijke uitstraling. Tot op heden heb ik niet gezien dat ze een voorkeur hebben voor een bepaalde kant van het terrarium. Ook leemzand werkt erg goed bij deze dieren, het is net iets steviger en de dieren kunnen er goede holen in graven. Het is wel zo dat dit leemzand meer stoft dan gewoon zand, en dat je dieren ook een bruinig laagje zand over zich krijgen. Ik heb 2 lichtpunten in het terrarium zitten, waar ik na gelang de temperatuur verschillende wattage lampen in draai. De algemene temperatuur in de bak is 28 graden terwijl onder de ene warmte spot een temperatuur bereikt wordt van ongeveer 45 graden, bereikt de nadere een temperatuur van 35 graden Celcius. De dieren kunnen zo zelf de hun temperatuur regelen, en je ziet ze dus ook regelmatig even zonnen of schuilen. En zoals al eerder genoemd kan een UVB lamp niet ontbreken bij deze zonaanbidders.

Voeding
Als basis geef ik dierlijk voedsel, hierbij probeer ik zo veel mogelijk te variŽren, krekels en vliegen is momenteel het hoofdvoer, daarnaast ook sprinkhaantjes, meelwormen, spinnen, wasmot larven en de wasmotjes zelf. Ik bepoeder de dieren om de 2 voeding met een vitamine of kalk preparaat. Ook heb ik altijd wat groenvoer in het terrarium staan, vaak andijvie maar ook andere groenten worden aangeboden. Verder staat er altijd een bakje met zaden in het terrarium, tropische vogelzaad aangevuld met oranje linzen. Zelf heb ik ze nog niet zien eten van de vegetarische schotel, alleen paardebloemen zijn de uitzondering. Water is altijd aanwezig in een drinkbak in een hoek van het terrarium. Ik heb mijn batiliferas hier al geregeld uit zien drinken. Daarnaast sproei ik 1 soms 2 keer per week een beetje, waarna de dieren vaak de druppeltjes oplikken van de planten en stenen. Ook bevordert het sproeien om de drinkbak het drinken uit de drinkbak.

Kweek
Het sexen van deze dieren is relatief simpel aangezien de man bij het zien van een vrouwtje al een blauwe bek en keel krijgt. Daarnaast zijn de femoraalporiŽn bij de mannen heel duidelijk te zien, terwijl deze bij de vrouw nagenoeg ontbreken. Het mannetje vertoont duidelijk paargedrag, veel kopknikken, met een blauwe keel en achter de vrouw aanjagen en proberen in de nek te bijten. Hierna zullen meerdere paringen volgen. Ik heb de eieren uitgebroed in een droge broedstoof (Jaeger) op 28 / 29 graden. Het vermuciliet heb ik zo droog mogelijk gehouden en om de 2 dagen controleerde ik de eitjes op invallen. Zodra de eitjes invielen heb ik er een klein beetje water bij gedaan. Het vermoeden bestaat dat het belangrijk is om de eieren niet te vochtig uit te broeden maar dit is absoluut niet zeker. Belangrijk is ook om de vrouw nog enige tijd de rust te gunnen om na de eileg aan te kunnen sterken. De vrouw zal er letterlijk uitgeknepen uit zien (zie foto). Laat het diertje nog een aantal weken lekker alleen zitten en geef haar goed te eten. Het mannetje zal nl. zodra het vrouwtje terug is meteen weer dol enthousiast zijn. Na 44 dagen kwam de eerste uit het ei. Met een lengte van 2,5 cm was het een exacte kopie van de ouderdieren.

Nadat de jonge dieren uit het ei gekomen zijn heb ik ze overgeplaatst in een opkweek terrarium van 40 x 30 x 30. Het terrarium is ingericht met enkele stukken kurk, steen en een eierdoos. Als ondergrond gebruik ik kranten in plaats van zand, dit om verstopping te voorkomen aangezien de jonge diertjes nog wel eens mis wil happen. Nadat de dieren eerst een tijdje rustig op de zelfde plek zijn blijven liggen, om bij te komen van uit het ei komen, en om op te warmen, beginnen ze het terrarium te verkennen. Jonge batiliferas zijn kleine kopieís van de ouderdieren, niet alleen qua uiterlijk maar ook qua gedrag. Ze zitten stil of ze sprinten. Na 1 dag beginnen de dieren ook met eten, ik geef ze kleine maat krekels, en krulvliegen. Ook heb ik heel fijn gesneden andijvie in de bak liggen. Er staat een heel laag bakje water in het terrarium, zodat de dieren hier niet in kunnen verdrinken, daarnaast sproei ik de bak 1 keer per dag zodat de jonge dieren genoeg vocht binnen krijgen. Verder is de verzorging van de jonge dieren het zelfde als bij de ouder dieren. Uit eigen ervaring heb ik geleerd dat deze dieren tijdens het opgroeien veel calcium nodig hebben, en ook UVB om dit goed in het lichaam op te nemen. Anders zullen er vergroeiingen plaats vinden op in het ergste geval dood door gebrek aan calcium. Er dient dus altijd een UVB lampin het terrarium te hangen.

Conclusie
Xenagama batilifera is een bijzondere en zeer actieve hagedis. Door zijn afmeting is deze soort goed te houden in gevangenschap, en zal onder de juiste omstandigheden veel vreugde brengen aan de verzorger. Ik ben er van overtuigd dat er in de nabije toekomst steeds meer met deze soort gekweekt zal gaan worden. Misschien is het daarom wel verstandig om een administratie bij te gaan houden om inteelt te voorkomen.


Literatuur

Auf der Suche nach Biberschwanzagamen (Xenagama). Eine Reise nach Somaliland - Alexander Roos
Keeping & Breeding the Dwarf Shield Tailed Agama ( Xenagama taylori). By Terry Mc Gleish
Xenagama taylori care. by Cristine Harney